Het begrotingsproces duurt ongeveer 1,5 jaar. Het begint wanneer het kabinet de Rijksbegroting voorbereidt en maakt. Het begrotingsproces stopt na Verantwoordingsdag.
Begrotingsproces
De minister van Financiën houdt de Tweede Kamer op de hoogte van de uitgaven in twee rapporten. De eerste is de Voorjaarsnota. Daarin staat de situatie van de lopende begroting. De stand van zaken in het overzicht in de Voorjaarsnota kan anders zijn dan in de eerdere Rijksbegroting. Dat komt door actuele ontwikkelingen.
De minister van Financiën stuurt de Voorjaarsnota samen met de mogelijke aanvullende begrotingen naar de Tweede Kamer. De Tweede Kamer en de Eerste Kamer moeten deze aanvullende begrotingen weer als wetsvoorstel behandelen en goedkeuren. Het gaat bijna altijd om kleine veranderingen in het beleid en bijna nooit om grote.